Schaken leer je zo!

1G - De schaakstukken

Wat het schaakspel zo leuk maakt zijn natuurlijk de verschilende stukken. Het eerste dat je gaat leren is dan ook hoe alle schaakstukken over het schaakbord bewegen. Je zult merken dat dat best wel meevalt. De meeste zijn heel makkelijk te leren.

Iedere speler heeft één Koning. Dat is het belangrijkste stuk, want als de ander die kan vangen dan heb je verloren. Maar als jij de koning van de ander kunt vangen dan heb jij natuurlijk gewonnen. Lukt het niemand om de koning van de ander te vangen dan is het gelijkspel.

Er is ook een koningin, maar die noemen we bij het schaken de Dame. Zij is het krachtigste stuk van allemaal.

Verder heeft iedere speler 2 Torens, 2 Lopers en 2 Paarden. Vooral bij de Paarden moet je even goed opletten want die kunnen nogal vreemd rondspringen.

Tot slot heeft iedere speler ook nog acht soldaten, maar die noemen we pionnen.

Neem de tijd om de stukken goed te leren en geniet vooral ook van de spelletjes.